Water besparen hoeft niet moeilijk te zijn. Met een aantal eenvoudige tips kan je heel wat liters besparen.
Als je snel resultaat wil, grijp je best in op de grote verbruiksposten: toilet, douche en wasmachine.
Tip 1: zorg voor een 'slimme' toiletspoeling
Heb je nog geen toilet met spaartoets? Per dag spoelen we gemiddeld zo'n 30 liter drinkwater weg door de wc. Een oudere WC is vaak nog op 9 tot 12 liter afgesteld. Met een waterbesparende WC-knop en jezelf aan te leren de kleine knop te gebruiken, bespaar je al snel zo'n 6 liter per spoelbeurt.
Tip 2: neem eerder een (korte) douche dan een bad
Voor een gemiddelde douchebeurt (met een gewone sproeikop) verbruik je zo'n 40 tot 55 liter water. Een ligbad kan meer dan 100 liter water bevatten. Met een douche bespaar je dus heel wat water en energie die nodig is om het water op te warmen. Maar ook de lengte van je douchebeurt heeft een grote impact. Kort douchen scheelt veel: elke minuut kan 10 liter of meer verschil maken.
Tip 3: installeer een goede douchekop
Met een waterbesparende douchekop kan je met minder water en hetzelfde comfort douchen. Een goede spaardouchekop moet 40 à 50% water besparen en laat ongeveer 6 à 7 liter per minuut door.
Tip 4: was met een volle machine
Een halfvolle wasmachine is minder efficiënt en verbruikt meer water per kg was. Wassen met een volle machine is dus de boodschap.
Tip 5: repareer lekkende kranen zo snel mogelijk
Grote (soms onzichtbare) lekken kan je vaststellen door regelmatig de watermeter te controleren (bijvoorbeeld vóór en na een weekendje weg).
Tip 6: laat water niet onnodig lopen
Als je de kraan laat lopen bij het tandenpoetsen, ben je al snel 1 à 2 liter water kwijt. Gebruik een beker, dat is zuiniger. Laat ook tijdens het handenwassen en scheren de kraan niet nodeloos open staan.
Tip 7: bruismondstukken op kranen
Door een normale kraan stroomt al vlug 10 à 12 liter per minuut. Voor een wastafel en een keukenkraan volstaat 6 à 8 liter per minuut. Een bruismondstuk is een ideale besparingsoplossing. Een bruismondstuk brengt lucht in de waterstraal. Het systeem werkt zo dat het waterverbruik daalt terwijl de druk behouden blijft. Het kan eenvoudig op bestaande kranen gemonteerd worden.
Tip 8: beter één grote dan meerdere kleine afwasjes
Een grote afwas is altijd efficiënter en waterzuiniger, of je het nu met de hand of met de vaatwasmachine doet. Kies het gepaste programma: een programma met voorwas of op hoge temperatuur is niet altijd nodig.
Tip 9: met emmer en spons de auto wassen
Als je je auto met de tuinslang wast, heb je ongeveer 150 liter nodig. Met een hogedrukreiniger is dit gemiddeld 5 keer lager. De beste methode blijft natuurlijk de 'goede oude' emmer en spons.
Tip 10: restwater om de planten te gieten
In huis heb je heel wat restwater. Bv. het spoelwater van groenten of water dat je laat lopen tot er warm water uit de kraan komt. Vang het op en geeft het aan je planten.
Tip 11: Besproei je tuin beperkt en correct
Sproei je tuin alleen als het langdurig droog is. Liever één keer per week, dan elke dag vijf minuten: de planten zullen dieper wortelen en minder gevoelig worden voor de droogte. Doe dit best 's morgens of 's avonds: 's middags verdampt de zon immers een groot deel van het water. De bladeren kunnen zelfs verschroeien als ze nat gemaakt worden bij volle zon. Een waterdruppel werkt dan als een vergrootglas. Struiken en planten kan je best water geven met een gieter, zo zie je ook beter hoeveel je verbruikt.
Wees realistisch en verkwist niet nodeloos water voor een groen gazon. Het is normaal dat een gazon al eens geel is in de zomer. Het herstelt zich nadien relatief snel.
Tip 12: installeer waterzuinige toestellen
Als je je oude huishoudelijke toestellen moet vervangen, kies dan voor zowel energiezuinige als waterzuinige toestellen. Wasmachines en vaatwasmachines zijn vaak grote waterverbruikers.
Tip 13: vang regenwater op in een regenton
Het regenwater kan je opslaan in een regenwaterpunt en gebruiken voor toepassingen in de woning (bv. toilet, wasmachine) en de tuin.
Heb je geen plaats voor een regenwaterpunt? Dan kan je misschien een regenwaterton plaatsen.
Tip 14: optimaliseer je leidingen
Bij nieuwbouw, verbouwingen of vervanging van je leidingen streef je best naar een minimale lengte van de leiding tussen je warmwatertoestel en tappunten. Vooral de wachttijd aan het keukentappunt wordt best beperkt. In de keuken worden regelmatig kleine hoeveelheden warm water getapt en is een lange wachttijd vervelend. Korte wachttijden geven niet alleen meer comfort, maar voorkomen ook dat je een extra toestel (elektrische keukenboiler) dient aan te schaffen, die je energieverbruik de hoogte in kan jager.
En denk eraan: elke druppel telt!
Bron: Vlaamse MilieuMaatschappij.
