Verzoekschriften aan de organen van de gemeente en het OCMW

Iedere burger heeft conform artikel 304,§2 van het Decreet over het lokaal bestuur het recht verzoekschriften, door één of meer personen ondertekend, schriftelijk bij de organen van de gemeente of het OCMW in te dienen.

Voorwaarden

Het huishoudelijk reglement van de gemeenteraad en de raad voor maatschappelijk welzijn, bepaalt hierover het volgende:

Artikel 53. – indiening en ontvankelijkheid

§1.
Iedere burger heeft conform artikel 304,§2 van het decreet lokaal bestuur het recht verzoekschriften, door een of meer personen ondertekend, schriftelijk bij de organen van de gemeente /OCMW in te dienen.??
Een verzoek is een vraag iets te doen of te laten. Uit de tekst van het verzoekschrift moet de vraag duidelijk zijn.

De organen van de gemeente zijn:

  • de gemeenteraad
  • het college van burgemeester en schepenen
  • de voorzitter van de gemeenteraad
  • de burgemeester
  • de algemeen directeur
  • elk ander orgaan van de gemeente dat als overheid optreedt.

De organen van het OCMW zijn:

  • de raad voor maatschappelijk welzijn
  • het vast bureau
  • de voorzitter van de raad voor maatschappelijk welzijn
  • de voorzitter van het vast bureau
  • de voorzitter van het bijzonder comité voor de sociale dienst
  • de algemeen directeur
  • elk ander orgaan van de gemeente dat als overheid optreedt.

§2.
De verzoekschriften worden aan het orgaan van de gemeente/ het OCMW gericht tot wiens bevoegdheid de inhoud van het verzoek behoort. Komt een verzoekschrift niet bij het juiste orgaan terecht, dan bezorgt dit orgaan het verzoek aan de juiste bestemmeling, zij het van de gemeente, zij het van het OCMW. Het orgaan dat het verzoekschrift doorstuurt, brengt de verzoeker hiervan op de hoogte.

§3.
Een verzoekschrift is onontvankelijk als:

  • de vraag onredelijk is of te vaag geformuleerd of
  • het louter een mening is en geen concreet verzoek of
  • de vraag anoniem, d.w.z. zonder vermelding van naam, voornaam en adres, werd ingediend of
  • het taalgebruik ervan beledigend is.

Het orgaan of de voorzitter van het orgaan maakt deze beoordeling. Indien hij oordeelt dat het verzoekschrift onontvankelijk is, licht hij de verzoeker hiervan in. Hij kan de indiener vragen zijn verzoekschrift aan te passen zodat het wel aan de ontvankelijkheidsvoorwaarden voldoet.

Artikel 54. – behandeling

§1.
Is het een verzoekschrift voor de raad, dan plaatst de voorzitter van de raad het verzoekschrift op de agenda van de eerstvolgende raad als het minstens 14 dagen voor de vergadering werd ontvangen. Wordt het verzoekschrift later ingediend, dan komt het op de agenda van de volgende raadsvergadering.

§2.
Gemeente: De raad kan de ingediende verzoekschriften naar het college van burgemeester en schepenen, naar de verenigde gemeenteraadscommissie, de burgemeester of naar de algemeen directeur verwijzen met het verzoek over de inhoud ervan uitleg te verstrekken.
OCMW: De raad kan de ingediende verzoekschriften naar het vast bureau of naar de voorzitter van het vast bureau of naar de algemeen directeur verwijzen met het verzoek over de inhoud ervan uitleg te verstrekken.

§3.
De verzoeker of, als het verzoekschrift door meerdere personen ondertekend is, de eerste ondertekenaar van het verzoekschrift, kan worden gehoord door het betrokken orgaan van de gemeente/ het OCMW. In dat geval heeft de verzoeker of de eerste ondertekenaar van het verzoekschrift het recht zich te laten bijstaan door een persoon naar keuze.

Artikel 55. – antwoord

Het betrokken orgaan van de gemeente/ het OCMW verstrekt, binnen drie maanden na de indiening van het verzoekschrift, een gemotiveerd antwoord aan de verzoeker of, indien het verzoekschrift door meerdere personen ondertekend is, aan de eerste ondertekenaar van het verzoekschrift.